Verblijfsregeling is fiscaal belangrijk

Verblijfsregeling van kinderen bij een scheiding is fiscaal belangrijk

De manier waarop de verblijfsregeling van de kinderen wordt geregeld bij scheiding, is niet zomaar een louter familiale regeling, maar heeft ook fiscale consequenties. Fiscaal expert Michel Maus bespreekt die fiscale  gevolgen in HLN (24/11/21)

Fiscale gevolgen

Bij een relatiebreuk moeten ouders afspraken maken over de kinderen. Niet alleen over de verblijfsregeling en wie welke kosten draagt, maar ook over het fiscale voordeel voor de kinderen.

Zo een verblijfsregeling kan co-ouderschap zijn, waarbij kinderen gelijkmatig bij elke ouder verblijven. In beginsel is deze regeling van co-ouderschap de regel. Maar men kan ook opteren voor een ongelijke verblijfsregeling, waarbij de kinderen meer bij de ene ouder verblijven dan bij de andere.

De manier waarop de verblijfsregeling wordt geregeld heeft uiteraard ook fiscale gevolgen. Dat heeft te maken met de fiscale voordelen voor kinderen ten laste. ‘Belastingplichtigen die kinderen ten laste hebben, hebben immers recht op een verhoging van de “belastingvrije som”, het deel van ons inkomen waarop we geen belasting moeten betalen’, zegt Maus. Volgens hem bedraagt die belastingvrije som 8.990 euro, maar wordt dat basisbedrag verhoogd als er kinderen ten laste zijn. Voor één kind wordt de belastingvrije som verhoogd met 1.630 euro, voor twee kinderen met 4.210 euro, voor drie kinderen met 9.430 euro, en voor vier kinderen met 15.250 euro. Wie meer dan vier kinderen ten laste heeft, kan nog eens 5.820 euro extra per kind in rekening brengen. Lees ook: Belastingvoordeel voor kinderen na scheiding (25/05/21)

Kinderen ten laste

Het is dus belangrijk om bij het regelen van de verblijfsregeling ook te bespreken welke ouder de kinderen ten laste heeft. Bij co-ouderschap wordt het fiscaal voordeel voor kinderen ten laste gelijkmatig verdeeld over de beide ouders. Is er sprake van een ongelijke verblijfsregeling dan zijn de kinderen ten laste van de ouder bij wie ze het meest verblijven. Die ouder zal dan ook aanspraak kunnen maken op het fiscaal voordeel. Maus stipt ook aan dat de beide ouders, zolang zij alleenstaand zijn, ook nog recht hebben op een bijkomende verhoging van de belastingvrije som van 1.630 euro.

De rechter zal het fiscaal co-ouderschap automatisch toekennen als hij aan de ouders het co-ouderschap oplegt. Maar bij een EOT (echtscheiding met onderlinge toestemming) wordt fiscaal co-ouderschap toegepast als ouders kiezen voor een gelijkmatige verblijfsregeling en bovendien ook akkoord gaan om de belastingvrije sommen gelijk onder elkaar te verdelen. Maar dat hoeft niet noodzakelijk zo te zijn. Soms is het fiscaal interessanter om die gelijke verdeling niet toe te passen en het voordeel aan één ouder toe te kennen.

Maus legt uit dat dit te maken heeft met het feit dat wanneer je kiest voor het fiscaal co-ouderschap, je een ander voordeel verliest, namelijk de fiscale aftrek voor onderhoudsuitkeringen. Je kunt immers niet beide fiscale voordelen combineren. Die fiscale aftrek voor onderhoudsuitkeringen is best wel interessant: ze zijn in onze personenbelasting voor 80% aftrekbaar van het belastbaar inkomen. Maus maakt het concreet met onderstaand voorbeeld.

Een voorbeeld: 

Stel dat een koppel met twee kinderen voor fiscaal co-ouderschap kiest, dan hebben beide ouders, zolang zij alleenstaand zijn, door de verhoging van de belastingvrije som elk recht op een belastingvermindering van 933,75 euro voor hun kinderen ten laste. Beide partners samen sparen op die manier 1.867,50 euro aan belastingen uit. Indien ze niet zouden kiezen voor het fiscaal co-ouderschap, dan heeft slechts één van de ouders recht op het fiscaal voordeel voor kinderen ten laste. Als deze ouder nog alleenstaand is, heeft die recht op een extra belastingvermindering van 1.668,50 euro voor de kinderen ten laste. Indien de andere ouder dan voor de beide kinderen samen 500 euro per maand aan onderhoudsuitkeringen betaalt, dan heeft die ouder op het einde van het jaar recht op een fiscale aftrek van 4.800 euro, wat afhankelijk van de inkomstensituatie een belastingvermindering kan betekenen van 2.400 euro. In dat geval zouden beide ouders samen dus 4.068,50 euro aan belasting uitsparen.

Maus bewijst hierboven dat de manier waarop een echtscheiding wordt geregeld fiscaal een groot verschil kan maken. Het is dus uitermate belangrijk dat ouders/ex-partners in staat zijn om met elkaar te overleggen in het belang van de kinderen en hun portemonnee. Een jurist-bemiddelaar kan hierbij van cruciaal belang zijn. Of zoals Maus besluit: ’Bij een vechtscheiding is de fiscus vaak de winnaar.’

scheiding fiscaal