Uit elkaar gaan vergt meer afspraken dan gaan samenwonen

Uit elkaar gaan vergt meer afspraken dan gaan samenwonen

 

uit elkaar bij samenwonen

In mijn vorig bericht had ik het over het feit dat wettelijk samenwonen minder bescherming biedt dan een huwelijk (lees het artikel hier). Helaas stelt men vast dat steeds meer wettelijke samenwoners uit elkaar gaan. Dat lijkt in eerste instantie zeer eenvoudig maar is in feite, net door het gebrek aan een wettelijk kader, vaak een zeer complexe aangelegenheid.

Wettelijke samenwoners

Wettelijke samenwoners  kunnen hun samenwoning heel gemakkelijk beëindigen door een eenvoudige verklaring op te stellen in het stadhuis. Dat kan bovendien gratis als beide partners akkoord gaan. Is dat niet het geval dan moet de ‘scheidende’ partner een deurwaarder betalen om zijn ‘bijna ex-partner’ op de hoogte te stellen.

Dat lijkt dus eenvoudig, maar wat met huis, inboedel, rekeningen, spaargeld en … kinderen? Wettelijk is er nauwelijks iets geregeld. Wie het verstandig aanpakt, maakt vooraf afspraken wat er moet gebeuren bij een eventuele breuk. Zo een samenlevingscontract kan best met de hulp van een familiaal bemiddelaar worden opgesteld en in een notariële akte gegoten worden. Helaas laten heel wat samenwonenden het na om een uitgebreid samenlevingscontract met principes over alle mogelijke facetten, op te stellen. Meestal beperkt men zich tot afspraken tot het samen kopen of renoveren van een huis.

Gezinswoning

Als de partners samen eigenaar zijn van de gezinswoning die moet worden verkocht, dan wordt de opbrengst verdeeld in verhouding tot de eigendomsrechten. Indien een van beide partners de gezinswoning koopt, dan moet er bovenop de uitkoopsom ook de verdeeltaks of de de zogenaamde ‘miserietaks’ worden betaald. Die bedraagt 1 procent op de huidige waarde van de woning op voorwaarde dat de partners al  minstens een jaar ononderbroken wettelijk samenwoonden en op voorwaarde dat de verdeling gebeurt binnen de termijn van één jaar nadat de wettelijke samenwoning beëindigd werd (cf. BW art. 1476, §2). Tenslotte dient de koper hier ook nog rekening te houden met de notaris-en aktekosten.

Inboedel

Wat met de inboedel van de gezinswoning? Volgens een geldend wettelijk vermoeden behoort de inboedel toe aan beide partners. Is dat in realiteit niet het geval, dan moet men dat staven met bewijsmateriaal, zoals bijvoorbeeld facturen. Uiteraard kunnen de partners ook overeenkomen en samen een lijst opstellen en ondertekenen.

Beroepsinkomsten

In het wettelijk huwelijksstelsel behoren alle beroepsinkomsten vanaf de dag van het huwelijk tot het gemeenschappelijk vermogen. Bij een echtscheiding krijgt elke partner hiervan de helft. Bij wettelijke samenwoners geldt deze regeling niet. De beroepsinkomsten van elke partner blijven eigen bezit en moeten bij een breuk niet verdeeld worden. Uiteraard staat het de partners vrij om bij een breuk alsnog een regeling uit te werken.

Kinderen         

De belangrijkste afspraken die bij een relatiebreuk moeten gemaakt worden, zijn zonder twijfel die over de kinderen. Dit geldt zowel voor gehuwden als voor wettelijke (en feitelijke) samenwoners. In de nieuwsitems ‘Ouderschapsplan’ (dd. 10/08/15) en ‘Maak bemiddeling verplicht bij echtscheiding met kinderen’ (dd. 22/09/15) wijs ik al uitdrukkelijk op het belang hiervan.

Bron: Uit elkaar gaan vergt meer afspraken dan gaan samenwonen. Steeds meer wettelijke samenwoners gaan uit elkaar.  (De Tijd: Nadine Bollen – 27/07/2015 )